Naast de Veestrategie heeft de Europese Commissie (EC) haar eiwitplan vrijgegeven, gericht op het terugdringen van het tekort aan plantaardige eiwitten in de EU en het meer zelfvoorzienend maken van de EU.
Gezond eten moet toegankelijk en betaalbaar zijn
Het plan bevat positieve elementen. Het erkent de noodzaak om meer plantaardige eiwitten te produceren in Europa, ondersteunt een groter gebruik van peulvruchten op scholen en wijst op betere openbare aanbestedingen voor seizoensgebonden, lokaal en duurzaam voedsel. Dit zijn belangrijke stappen die kunnen helpen om plantaardig voedsel beter beschikbaar en betaalbaarder te maken.
Status quo op het gebied van de intensieve landbouw: er wordt niet gesproken over de ontwikkeling naar meer gediversifieerde diëten
De Europese eiwituitdaging gaat niet alleen over het vervangen van geïmporteerd veevoer door voer van Europese bodem. Het gaat over het veranderen van een systeem dat nog steeds grote hoeveelheden land, gewassen en publiek geld gebruikt om een dieet met veel dieren en intensieve landbouw in stand te houden. Hoewel de EC deze voedselafhankelijkheid onderkent, richt zij zich meer op het anders voeden van het huidige veehouderijsysteem, dan op het helpen van Europa op weg naar een meer gediversifieerd en duurzaam voedselsysteem.
Het is veelzeggend dat de enige bindende toezegging in het hele plan een doelstelling is om de zelfvoorziening van de EU op het gebied van voer tegen 2035 tot 35% te verhogen. Al het overige, inclusief de hierboven verwelkomde maatregelen aan de vraagzijde, is vrijwillig.
Het plan betoogt ook dat het verminderen van de dierlijke productie in de EU op zichzelf grotendeels zou worden vervangen door meer koolstofintensieve import, en stopt daar: het stelt niet een verschuiving naar minder dierrijke diëten voor als onderdeel van het antwoord.
Terwijl de Veestrategie belangrijke signalen voor dierenwelzijn bevatte, met name de stap naar het geleidelijk afschaffen van kooien, hield het Eiwitplan nauwelijks rekening met dierenwelzijn.
Het eiwitbeleid moet de afhankelijkheid van intensieve landbouwsystemen helpen verminderen, boeren helpen te diversifiëren en betere voedselkeuzes gemakkelijker maken voor consumenten.
Slaagt er niet in de voedingsonevenwichtigheid van de Europeanen aan te pakken
Momenteel consumeren Europeanen al veel meer eiwitten dan ze nodig hebben, grotendeels vanwege het hoge gehalte aan dierlijke eiwitten in onze voeding. Het plan onderzoekt echter op geen enkele manier deze voedingsonevenwichtigheid.
Er is ook ruimte voor meer ambitie op het gebied van innovatie. Europa beschikt over de wetenschappelijke en industriële capaciteit om het voortouw te nemen op het gebied van plantaardig voedsel, precisiefermentatie, op algen gebaseerde eiwitten en cellulaire landbouw. Deze sectoren kunnen economische kansen creëren en tegelijkertijd de druk op dieren en het milieu helpen verminderen.
Het moet zich echter met voorzorg naar nieuwe gebieden verplaatsen. De insectenteelt bijvoorbeeld dreigt Europa op te sluiten in hetzelfde industriële veehouderijmodel, terwijl dit ernstige problemen voor de volksgezondheid met zich meebrengt.
Om de eiwitafhankelijkheid van de EU werkelijk terug te dringen, moet de EU naar het grotere geheel kijken en naar het voedselsysteem dat zij wil opbouwen. Dit zou er een moeten zijn die zich verplaatst van landbouwsystemen die veel hulpbronnen vergen, naar diverse, betaalbare en gezonde diëten waar iedereen baat bij heeft.



